Het gebruik van privaatrechtelijke rechtsvormen door provincies, gemeenten en waterschappen is gemeengoed geworden. Er is een 'handleiding' nodig voor het goedkeuringsbeleid van Rijk en provincie voor het gebruik van privaatrechtelijke rechtsvormen door decentrale overheden.
Rapport
Dit is een belangrijke aanbeveling in het rapport 'Privaatrechelijke taakbehartiging door decentrale overheden; het gebruik van privaatrechtelijke rechtspersonen door provincies, gemeenten en waterschappen' dat dinsdag 19 februari door de ministers van Jusititie en Binnenlandse Zaken naar de Tweede Kamer is gestuurd.
Werkgroep
Het rapport is opgesteld door een werkgroep onder leiding van Arjan van Gils, gemeentesecretaris van Rotterdam. Er is onderzoek gedaan naar aard en omvang van privaatrechtelijke taakbehartiging door decentrale overheden omdat praktijk en regelgeving niet meer op elkaar aansluiten.
Geen grote problemen
Gebruik van privaatrechtelijke rechtsvormen voor de uitvoering van taken van decentrale overheden heeft volgens de werkgroep nauwelijks tot grote problemen geleid. Bovendien keurden Rijk en provincie vrijwel alle verzoeken tot oprichting van een stichting of vennootschap goed.
Behoefte aan ondersteuning
Gemeenten worden steeds meer op hun verantwoordelijkheden aangespoken, en krijgen er vanwege decentralisatie taken en bevoegheden bij. Gemeenten vinden volgens de werkgroep dat de privaatrechtelijke rechtsvorm voldoende aansluit bij de eisen die gesteld worden aan behoorlijk bestuur en rechtsgelijkheid. Er is wel behoefte aan ondersteuning van decentrale overheden bij de keuze voor de publieke of de private weg. Mogelijk kan het toezicht van Rijk en provincies op termijn worden afgeschaft.
Bruikbare rechtsorde
Het rapport maakt onderdeel uit van het programma 'Bruikbare rechtsorde' van het Ministerie van Justitie dat streeft naar vermindering van regeldruk.
Meer informatie
- het volledige rapport 'Privaatrechtelijke taakbehartiging door decentrale overheden' als pdf-file
- programma Bruikbare rechtsorde
