Gerechtsvuisten in Veere

Workshop op 26 september 2019 in Stad Veere.
Een van de workshops tijdens het komende VGS-congres gaat over de toekomst van de gemeentesecretaris, mede in relatie tot het gastheerschap.

Aan de workshop is ook een tentoonstelling verbonden over de geschiedenis van de gemeentesecretaris, waarbij duidelijk is dat de rolopvatting over het gastheerschap in de 16e eeuw een heel andere was dan nu en wellicht ook weer anders dan in de toekomst.

Uit het archief van de stad Veere halen wij de volgende voorbeelden.

Een vuist als straf voor geweld tegen ambtenaren
In het oude stadhuis van Veere zijn drie bronzen vuisten tentoongesteld die herinneren aan zestiende-eeuwse Veerse burgers die overheidsdienaren bedreigden.  Ze vormen tastbare overblijfselen van de vele straffen die de middeleeuwse stadsbesturen konden uitdelen om orde te handhaven. De verhalen achter deze voorwerpen zijn bewaard gebleven in het archief van de Veerse rechtbank.

 

gerechtsvuist Adriaan Bra

Messentrekker Bra
De Veerse visser Adriaen Bra  zat op een kwade dag in 1546 met een aantal vrienden te dobbelen in de herberg Sint Maarten aan de Kaai. De waard Pieter Ritssaerssoon zou de winnaar van het potje een mes cadeau doen, op voorwaarde dat deze een Veerse ambtenaar te grazen zou nemen.  Ritssaerssoon had nog een rekening met deze pennenlikker te vereffenen.  Adriaen Bra won het bestek en ging een week later met het mes een dienaar van de Veerse rechter te  lijf. Hij werd gepakt en veroordeeld tot het laten maken van een vuist. Daarnaast werd hij voor vijftig jaar van Walcheren gebannen. Kwam hij eerder terug dan zou zijn kop er worden afgehakt.  

Bijl slingerende schrijnwerker
De boetedoening in het jaar 1550 van de schrijnwerker Hubrecht Bremboes is een vuist die een bijl vasthoudt. Hier ging het om een aanval van woede  toen Bremboes zijn gereedschap naar de stadsbode gooide. Wat er precies in de brief stond die hem bezorgd werd weten we niet. De rechter veroordeelde hem voor deze daad van agressie tot het afhakken van zijn rechtervuist en een flinke geldboete. Dit verlies zou ook het eind van zijn handwerk betekenen. Daarom smeekte hij om gratie en beloofde nooit meer zo heetgebakerd te zijn.

Bremboes werd toen veroordeeld om binnen zeventien weken ‘een metale vuyst met een metale bylken daerin’ te laten gieten, en er zijn naam in te ‘sculperen’. Het object was bestemd voor de vierschaar ‘ten aenziene van eenen yegelyken tot een eeuwige memorie’. De geldboete werd deels bestemd voor herstellingswerken aan Veers vastgoed  en deels voor de versiering van het stadhuis.

Geld in plaats van bloed
Behalve de strafvuisten van Adriaen Bra en van Hubrecht Bremboes is ook die van Jacop Pieterssone in Veere bewaard gebleven. Vissersman Bra en schrijnwerker Bremboes werden in respectievelijk 1546 en 1550 veroordeeld wegens mishandeling van ambtenaren in functie. Van Pieterssone  is onbekend welk misdrijf hij beging. De Veerse vuisten zijn uniek in Nederland. In enkele Vlaamse stadhuizen kan men ze ook zien. Doorgaans gaat het daar niet om stukken die het afkappen van echte handen vervangen en zijn het zelfstandige straffen. De Veerenaar  Hubrecht Bremboes kocht met de gerechtsvuist en een geldboete wel een lijfstraf, het afhakken van een hand, af. Zo leverde het de stad Veere tenminste nog wat geld op.